Neurofeedback

Neurofeedback training
Het QEEG
Neurotherapie
Operante conditionering
Filosofie achter het effect van neurofeedback
Verschillende vormen van neurofeedback

1. Neurofeedback training

Neurofeedback is een zeer directe en effectieve manier van trainen van de hersenen. Tijdens de training wordt de persoon, net als bij het maken van het QEEG, via een cap met 19 sensoren aangesloten op de apparatuur. De hersenactiviteit wordt constant gemeten. De gemeten waarden worden via de software vergeleken met een ideale waarde (z-score)en een ingestelde drempelwaarde. Op het moment dat gemeten waarde aan die drempel voldoet ontstaat positieve feedback.

Positieve feedback is bijvoorbeeld: het groter worden van het filmscherm, het in beweging komen van een animatiefilmpje met bijvoorbeeld dolfijnen, het veranderen van kleur van een film of afbeelding. Wordt niet meer aan de drempelwaarde voldaan dan verdwijnen de effecten, het filmscherm wordt kleiner, de film wordt zwart-wit, de animatie stopt.

Door deze 'real time' feedback met beloningen (operante conditionering), leren de hersenen bijzonder snel aan de drempelwaarden te voldoen. Door de training een aantal keren te herhalen worden de nieuwe waarden ook de nieuwe norm in de hersenen. Het systeem dat voor de training op deze praktijk wordt gebruikt is hetzelfde als het systeem waarmee het QEEG wordt gemaakt. Dit garandeert een grote mate van eenduidigheid. Dit systeem (Neuroguide) onderscheidt zich hiermee in hoge mate van de orthodoxe neurofeedback, waar soms wel een EEG wordt gemaakt, maar met n of twee kanalen wordt getraind. Veel praktijken claimen het maken van een EEG, informeer altijd of dat wel een volledig (19 kanaals)EEG is.

De term is al even genoemd 'z score training'. Z score training houdt in dat voortdurend in de richting van een ideale waarde (verkregen uit de databank, zie onder 'Het qEEG') wordt getraind. Dit waarborgt een grote mate van veiligheid, immers, er wordt voortdurend een vergelijking gemaakt met de voor de persoon ideale waarde. In tegenstelling tot orthodoxe neurofeedback, waar geen z score is ingebouwd kan een waarde in dit systeem nooit te veel omhoog of omlaag worden getraind. In de Verenigde Staten, waar dit systeem is ontwikkeld, is Neuroguide z score training inmiddels de 'gouden standaard'. (zie ook www.appliedneuroscience.com).

Het systeem waarmee gewerkt wordt heet Neuroguide. Het Neuroguide syteem geeft de mogelijkheid om zowel z score surface (oppervlakte) als z score Loreta (diepte training) uit te voeren. De ontwikkeling van Loreta z score training heeft het mogelijk gemaakt om ook chronische neurologische aandoeningen als Parkinson en Multipele sclerose te behandelen. Ook de gevolgen van een hersentrauma, hersenbloeding of infarct reageren bijzonder goed op Loreta z score neurofeedback.

Het bijzondere van het Neuroguide systeem is dat een grote hoeveelheid veel voorkomende symptomen, in de software zijn gekoppeld aan functionele netwerken in het brein. Deze koppeling is ontstaan uit een immense hoeveelheid wetenschappelijk onderzoek. Ook tijdens de analyse van het EEG wordt in de software, gekeken naar gebieden in het brein die sterk afwijken van de norm. Zo ontstaat door een samenspel van informatie uit het intake gesprek, de ingevulde symptomen lijsten n de gegevens uit het EEG een zeer persoonlijke analyse. Als persoonlijke gegevens en EEG gegevens 'samenvallen' noemen we dat een 'match' of koppeling. Een aantal koppelingen vormt de basis van het behandelplan. Het programma geeft mij inzicht in de mogelijke koppelingen en ik kan het programma gebruiken om naar koppelingen te zoeken op basis van de gegevens van de clint en het QEEG. De analyse vereist dus een grote kunde in het navigeren in de software en een grote kennis van relevante functies van netwerken in het brein. (voor meer informatie hierover: www.appliedneuroscience.com articles & links / brain & behavioral links)

>> naar boven

2. Het QEEG

Bij de meeste moderne vormen van neurofeedback wordt altijd begonnen met het maken van een qEEG (Quantitatief Electro EncephaloGram). Via een 19-kanaals EEG apparaat wordt een aantal metingen gedaan van de hersen activiteit. Dit gebeurt in rust met ogen dicht, vervolgens met ogen open en indien nodig, tijdens het uitvoeren van een lees-, reken- of concentratie-taak. De uitkomst van dit qEEG (het ruwe signaal) wordt vervolgens, in de software, uiteengerafeld in een aantal zogenaamde frequentie banden. Elke frequentie band heeft zo zijn aard en functie (zie voor nadere uitleg Hersengolven).

Omdat een qEEG uiteraard een zeer persoonlijke 'afdruk' is, die op zich moeilijk te interpreteren is wordt het qEEG genormeerd. Dat wil zeggen dat de uitkomst vergeleken wordt met EEG's uit een databank van bijna 800, zorgvuldig geselecteerde, gezonde proefpersonen (Thatcher database). Op deze wijze ontstaat een goed beeld over in welke mate en op welke plaatsen het gemaakte EEG afwijkt van de (leeftijds)norm. Dit levert een geweldige hoeveelheid gegevens op, die zowel bij de analyse van de klachten als bij de training gebruikt worden.

Voor alle duidelijkheid, het EEG dat hier gemaakt wordt is vergelijkbaar met een EEG zoals dat bijvoorbeeld in een ziekenhuis op de afdeling neurologie wordt gemaakt. Het grote verschil zit in het verwerken en beoordelen. De neuroloog is juist getraind in het beoordelen van het ruwe EEG-signaal.

De verkregen EEG gegevens worden vervolgens direct gebruikt in de training.

>> naar boven

3. Neurotherapie

De term neurotherapie duidt op de geïntegreerde toepassing van neurofeedback. Hiermee wordt bedoeld dat neurofeedback in de praktijk wordt gecombineerd met verschillende vormen van persoonlijke begeleiding, coaching, toegepaste kinesiologie, voedings- en leef adviezen, oefeningen uit de Qigong, Tai Chi en Yoga. Bij de behandeling van kinderen worden ook testen uit de NDT (NeuroDevellopmentalTraining) gebruikt om te onderzoeken of er storende factoren in de neurologische ontwikkeling zitten.

Het is belangrijk te weten dat neurofeedback niet 'het nieuwe wondermiddel' is dat zomaar uw leven kan veranderen of uw klachten kan doen verdwijnen. De onevenwichtigheid in het patroon van de hersengolven is er natuurlijk niet zomaar. Zeer vaak is de onbalans langzaam ontstaan en is het van wezenlijk belang, ook voor een blijvend resultaat, dat er ook bepaalde zaken in uw leven, of het leven van uw kind, veranderen.

>> naar boven

4. Operante conditionering

Neurotherapie werkt volgens het 'leerprincipe' van operante conditionering. Operante conditionering of instrumenteel leren is het leerproces waarbij een respons in een bepaalde context gevolgd wordt door een bekrachtiger (Engels: reinforcer) of bestraffer (Engels: punisher). Een bekrachtiger is elke gebeurtenis, die de kans vergroot dat dezelfde respons in de toekomst weer zal optreden. Een bestraffer is daarentegen elke gebeurtenis die de kans verkleint dat de respons weer zal optreden soms spreekt men ook wel van positieve en negatieve bekrachtigers. Neurofeedback werkt vooral met positieve bekrachtigers. Het behalen van de drempel wordt beloond met bijvoorbeeld beweging van een autootje op het scherm of bij het kijken naar een DVD het groter worden van het scherm. Bij operante conditionering wordt het effect uiteindelijk uitgebreid naar meerdere gedragsaspecten. De effecten zijn blijvend bij een goede op- en afbouw van de neurofeedback trainingen.

>> naar boven

5. Filosofie achter het effect van neurofeedback?

Zoals al eerder is beschreven blijken veel klachten blijken samen te gaan met onevenwichtige activiteit in de hersenen (zie ook Ons brein). Deze onevenwichtigheid is vaak duidelijk zichtbaar als sterk van de norm afwijkende patronen. Na jarenlang onderzoek is duidelijk geworden, dat er een directe relatie bestaat tussen deze afwijkende patronen en een breed scala van klachten. Deze klachten kunnen ontstaan zijn door langdurige of overmatige stress, door eenzijdige belasting, overprikkeling of een (vroege) beschadiging van de hersenen. Ook (emotionele) trauma's of een doorgemaakte levenscrisis laten de nodige sporen in de hersenen achter.

Voor een overzicht van wetenschappelijke literatuur over de relatie tussen hersenactiviteit en symptomen zie: www.appliedneuroscience.com: articles & links.

In het brein zijn aldus vele zogenaamde functionele netwerken te onderkennen. Voorbeelden van deze netwerken zijn:

Deze netwerken zijn opgebouwd uit (delen van) hersen gebieden (Brodmann Areas) ontdekt en beschreven door de Duitse neuroloog Karbinian Brodmann. Hij beschreef deze gebieden reeds uitvoerig in een atlas in 1909. In ongeveer dezelfde periode werden door de artsen P. Broca en C. Wernicke gebieden in de hersenen ontdekt, die actief waren bij taal.

Later zijn nog vele verfijningen aangebracht, maar in grote lijnen wordt de indeling van Brodmann nog steeds gebruikt. Neurowetenschappers hebben in de afgelopen decennia zeer veel onderzoek gedaan naar de functie eigenschappen van deze Brodmann areas en naar de functionele netwerken, die zich hierin manifesteren. Dit onderzoek wordt uitgevoerd met behulp van functionele MRI (fMRI). Hierbij worden in vivo de hersenen gescand tijdens het uitvoeren van bepaalde taken (lezen, rekenen, kijken naar een enge film) of onder specifieke omstandigheden (stress). Zie voor een korte beschrijving van fMRI: http://nl.wikipedia.org/wiki/Functionele_MRI

Afbeelding van Brodmann areas

Al zijn al deze gebieden anatomisch en (ten dele) functioneel te onderscheiden, het brein functioneert als een geheel, te vergelijken met een immens groot symfonie orkest.

Voor alle functies in levende organismen en dus ook voor hersenfuncties geldt dat een verstoring of blokkade in het natuurlijk patroon om compensaties vraagt. Alles in ons lichaam reageert, zoals ook elders beschreven, volgens het vraag en aanbod principe. Het lichaam zal altijd trachten zich aan te passen aan dat wat er 'gevraagd' wordt. Zo worden spieren dikker en sterker als je ze traint en weer minder dik en sterk als de training stopt. Dit geldt voor alles; elke prikkel, die sterk genoeg is of lang genoeg duurt geeft (blijvende) veranderingen in het lichaam. Afhankelijk of de prikkel positief (kracht training) of negatief (stress) is, zullen de effecten ervaren worden als positief (sterkere spieren) of negatief (slecht slapen). Meestal geven deze aanpassingen in het begin nog geen klachten zo lang als het systeem voldoende flexibiliteit bezit.

Op een bepaald punt raken de compensatie mogelijkheden uitgeput en raakt het systeem steeds meer uit balans zich uitend in een heel scala van klachten. Voorbeelden van klachten die op deze manier ontstaan zijn: (chronische) vermoeidheid, concentratie- en/of geheugen problemen, moeite met zaken 'tot stand' te brengen, lusteloosheid, slaapproblemen en depressiviteit. Ook veel klachten aan de interne organen en gedragsstoornissen hebben een zelfde ontstaansgeschiedenis.

Door neurofeedbacktraining wordt op heel directe manier de over- of onder- activiteit van bepaalde delen van de hersenen veranderd. Soms is het nodig om de flexibiliteit van de hersenen te vergroten (bepaalde slaapstoornissen), soms moet juist de stabiliteit vergroot worden (o.a. bij gedragsproblemen).

Door neurofeedbacktraining worden niet alleen de klachten, maar ook de compensatie patronen en uiteindelijk de oorzaak benvloed. Om een blijvend effect te geven moet er gedurende een bepaalde tijd en met bepaalde intensiteit worden getraind. Een blijvend effect is regel indien er een goede opbouw en begeleiding heeft plaatsgevonden en de gemaakte veranderingen ook zijn ingewerkt in het dagelijks leven. Onder bijzondere omstandigheden, een ernstig (emotioneel) trauma, of een algehele narcose kan de oorzaak zijn van terugval. Een paar trainingen zijn dan weer voldoende om het oude trainingsresultaat weer te bereiken.

>> naar boven

6. Verschillende vormen van neurofeedback

Er bestaan verschillende vormen van neurofeedback, die afhankelijk van de vraag kunnen worden toegepast.

a. Klachtgerichte neurofeedback (Neuro-science feedback). Dit is de vorm waarbij gericht op n of meerdere klachten wordt gewerkt. Dit gebied van de neurofeedback is inmiddels goed onderzocht, kent wetenschappelijk onderbouwing, is algemeen erkend en wordt ook inmiddels in Nederland uitgebreid toegepast. Er wordt hierbij klachtgericht gewerkt en er worden regelmatig opnieuw EEG metingen gedaan om veranderingen te kunnen volgen en het behandelprotocol eventueel te kunnen aanpassen. Deze vorm van neurofeedback valt onder de natuurgeneeskunde en doet, vergelijkbaar met bijvoorbeeld homeopathie en acupunctuur, een beroep op de zelfregulerende en zelfgenezende krachten in ons lichaam.

b. Op persoonlijke ontwikkeling gerichte neurofeedback (Neuro-psychology feedback). Neurofeedback training wordt hierbij vooral gebruikt ter ondersteuning van, of in plaats van psychotherapie. In de regel kan deze training pas gebruikt worden als door middel van klachtgerichte neurofeedback al een bepaalde mate van stabilisering van het EEG heeft plaatsgevonden. Er wordt hierbij gebruikt gemaakt van Loreta training waarbij diepe delen van het (emotionele) midden brein getraind worden. Je komt hierbij diepe en oude patronen (meso limbic scripts) tegen en leert deze herkennen en los te laten. Anders dan bij verschillende vormen van psychotherapie komen relevante beelden en gevoelens spontaan op en hoeft er niets geanalyseerd of herbeleefd te worden. Uiteraard wordt u in dit proces wel deskundig begeleid.

c. Diepe meditatie neurofeedback (neuro-theology feedback). Uit proeven met mensen die regelmatig mediteren is gebleken dat speciale vormen van neurofeedback, de mogelijkheid om langer en dieper in meditatie te zijn enorm kan vergroten. Door het versterken van de stabiliteit van het brein neemt niet alleen het vermogen om sneller in een diepe meditatie toestand te komen toe, ook de diepte van de meditatie neemt toe. Dit wordt in beduidend kortere tijd bereikt dan wanneer men 'enkel' regelmatig meditatie technieken gebruikt. Er vindt een verdieping van zelfkennis plaats, er ontstaat een duidelijker beeld over de rol in het dagelijks leven. Er ontstaat een intensere verbinding met de ziel.

>> naar boven